De Nederlandse gezondheidszorg

Op 20-jarige leeftijd begon mijn zoektocht naar “wat ik later wil worden”. Na mijn 1e foute keuze ben ik daarna gaan studeren voor optometrist. De gezondheidszorg was niet per sé waar ik mijzelf werkzaam zag zijn toen ik jonger was. Nu ik een krappe 3 jaar werkzaam ben als optometrist bij een kleine oogkliniek in Bilthoven ben ik blij dat ik toch voor de gezondheidszorg heb gekozen.

De gezondheidszorg is waar je door persoonlijke aandacht het verschil kan maken. Waar je bij een verkoper/adviseur direct het gevoel hebt dat ze je iets aan willen smeren, wordt persoonlijke aandacht voor patiënten juist als geruststellend en vertrouwd ervaren.

De kleinschaligheid van de kliniek waar ik werkzaam ben is dan ook steevast hét verschil dat wij kunnen maken ten opzichte van de gezondheidsfabrieken welke wij ziekenhuizen noemen. Patiënten hebben altijd de zelfde arts en onderzoekers, en kennen ons vaak zelfs bij voornaam. Door onze kleinschaligheid kijken zorgverzekeraars niet naar ons om en is er moeite om rond te komen omdat zorgverzekeraars geen contracten afsluiten met een dergelijk kleine speler op de gezondheidsmarkt.

Dit heeft de kliniek doen besluiten om samen te werken met een grotere kliniek uit de regio, een kliniek waar wel contracten met zorgverzekeraars aanwezig zijn. Zodoende kunnen wij profiteren van de (prijs)afspraken van met deze zorgverzekeraars. Dit alles in een poging om kostendekkend te kunnen opereren. Deze kliniek heeft echter besloten de vestiging te sluiten. Wij gaan op in de grotere vestiging. Hierbij verliezen wij onze persoonlijke aandacht, in ruil voor (hopelijk) meer winstgevendheid om de innovaties binnen de gezondheidszorg te kunnen blijven toepassen in de zorg van alle dag. Van 2 artsen stijgen we naar 8 artsen, van 6 werknemers naar meer dan 50, van 3 spreekkamers naar 10.

De gezondheidszorg is de weg een beetje kwijt geraakt. Geld komt voor de patiënt. Efficiëntie is belangrijker dan persoonlijke aandacht. Waar wij als kliniek het verschil konden maken met persoonlijke aandacht en korte lijnen hebben de zorgverzekeraars maar één doel voor ogen. Zo groot mogelijke zorgfabrieken die zo efficiënt mogelijk en voor zo min mogelijk geld zorg leveren. Patiëntvriendelijke zorg is hierbij van ondergeschikt belang. Een simpel voorbeeld is het geven van 2 ooginjecties op 1 dag. Bij zorgverzekeraars kan dit niet gedeclareerd worden, zij denken dat wij frauderen omdat wij 2x een zelfde handeling delcareren op 1 dag. Gevolg voor de patiënt: 2x langskomen en vervoer regelen bij familie of een regiotaxi. Dat dit circus vaak maandelijks herhaald moet worden betekent een aanslag op de vrijheid van onze patiënten.

Ik ga met plezier naar mijn werk omdat wij van patiënten doorgaans positieve reacties ontvangen over onze manier van werken. Zoals een patiënt van ons recent beschreef in een schriftelijke reactie: “Ik heb de behandeling in Uw kliniek uitvoerig beschreven aangezien ik bij het ziekteproces en het overlijden van mijn vrouw geconfronteerd ben met de gebruikelijke wijze waarop in dit land medische zorg wordt verleend. Ik kan U verzekeren dat Uw kliniek daarvan in uiterst aangename zin afwijkt.” En dan te bedenken dat wij deze patiënt aanvankelijk moesten weigeren wegens een ontoereikend budget vanuit de zorgverzekeraar (CZ/Ohra).

Ik hoop dat de overheid op tijd wakker wordt, en zorgverzekeraars op tijd inzien dat door de teruglopende marges op verleende zorg, de alsmaar stijgende werkdruk en regeldrift het belangrijkste onderdeel van de gezondheidszorg wordt vergeten: de patiënt en zijn welbevinden.

Communicatie tussen patiënt en arts

Communicatie met de patiënt is binnen de oogheelkunde erg belangrijk; net als bij vrijwel alle andere specialismen. Communicatie kan soms moeilijker zijn dan gewenst. Denk hierbij aan mensen die doof zijn, blind zijn of niet durven/kunnen praten wat bijvoorbeeld voorkomt bij mensen met het syndroom van Down. Het gebeurt helaas soms ook dat de patiënt een andere taal spreekt dan wij. Het is aan ons om zo veel mogelijk met handen en voeten (soms letterlijk) toch zo veel mogelijk informatie in te winnen. Hierom is het fijn als er iemand mee komt die dingen kan aanvullen of vertalen. Soms komt het voor dat er een begeleider mee komt die ook geen Nederlands spreekt, of er komt helemaal geen begeleider mee. De afgelopen 2 jaar is mij dit 2 keer overkomen. Een maal met een Turkse meneer die zijn dochter mee had genomen die minder goed de Nederlandse taal machtig was dan meneer zelf. Dit is niet positief voor het subjectieve gedeelte van het onderzoek, maar het objectieve gedeelte ondervindt hier doorgaans geen hinder van. Zodoende kunnen wij elke patiënt uiteindelijk altijd wel helpen.

© Ziekenhuis Survivalgids; wegwijs in de wereld van de witte jassen

Indien er getwijfeld wordt over het hebben van een aandoening zal er eerder over worden gegaan tot actie. Zo zullen we eerder oogdrukverlagende druppels voorschrijven bij iemand waarbij er een taalbarrière bestaat als deze wordt verdacht van het hebben van glaucoom; voorkomen is beter dan genezen. Aanvullend onderzoek (in dit geval een gezichtsveldonderzoek) bleek in de praktijk geen bruikbare resultaten op te leveren, reden genoeg voor een profylactische benadering. Wij hebben er in dit geval op aangestuurd dat dhr de volgende keer zijn andere dochter meeneemt, zij kon namelijk wel goed als tolk fungeren. Bij een volgend bezoek heeft deze meneer inderdaad dit advies opgevolgd en konden wij eventuele onduidelijkheden wegnemen van beide kanten. Gelukkig komen onze patiënten vrijwel nooit alleen.

E-haken kaart

Een taalbarrière, of communicatiebarrière komt regelmatig voor. Als je net van de opleiding af komt kan het in het begin wat lastig zijn om er mee om te gaan. Oefening baart kunst, blijkt in de praktijk. Met handbewegingen en het gebruik van simpele woorden (al dan niet in het Engels) kan je in de praktijk ver komen. Zo kan je bijvoorbeeld prima de visus opnemen door gebruik van E-haken of de Landolt-C kaart waarbij de patiënt alleen de richting van de opening hoeft aan te wijzen. Zo lukt het zelfs om bij analfabeten en dove mensen de gezichtsscherpte te meten.

De recente uitspraken van dhr. Kuzu zijn gelukkig onjuist binnen de oogheelkunde. Als optometrist weet ik niks van andere specialismen, maar ik kan mij niet indenken dat een arts voor de “easy way out” kiest. Een arts heeft namelijk een roeping om voor zijn/haar patiënt te zorgen en zal er alles aan doen om deze zo goed mogelijk te behandelen. Dit ongeacht de afkomst en taalvaardigheid van de patiënt. Sterker nog, ik heb ook regelmatig artsen consulten horen en zien voeren in hun eigen moedertaal. Dit gaat dan om Turkse of Marokkaanse artsen, al dan niet in Nederland geboren. Ik denk dat je je als patiënt niets beters kan wensen dan dat. En ter verduidelijking wil ik toevoegen dat dit niet om incidenten gaat, maar dat ik weet dat meerdere ziekenhuizen/klinieken dit zelfs op hun website vermelden.

Praktijkvoorbeeld: toxoplasmose

Eens in de zoveel tijd kom je in de praktijk een casus tegen die je anders naar bepaalde dingen laat kijken. Deze patiënt wat bekend met toxoplasmose, een infectie die haar moeder had opgelopen terwijl zij nog in ontwikkeling was in de buik van haar moeder. Toxoplasmose is een parasiet die zich bijvoorbeeld in kattenuitwerpselen bevindt. De mens geldt als tussengastheer voor de toxoplasmose. Toxoplasmose kan dodelijk zijn voor het ongeboren kind, en daarom mag je als zwangere vrouw dan ook geen kattenbakken verschonen.

Zelf heb ik ook toxoplasmose in mijn oog, mijn rechter om precies te zijn. Bij mij zit de toxoplasmose richting de buitenkant (periferie) van mijn netvlies, en is gedurende mijn hele leven rustig gebleven. Simpel gezegd heb ik nergens last van, en wist ik niet eens dat ik deze beschadiging met mij meedroeg. Onderstaande 2 foto’s zijn netvliesfoto’s (fundusfoto’s) van een patiënt waarbij toxoplasmose in allebei de ogen voorkwam. En dan ook nog eens op de meest vervelende plek die je kan bedenken: midden in de gele vlek (macula). Deze mevrouw heeft nooit scherp kunnen zien doordat het centrum van haar zicht altijd afwezig is geweest, net als dit bij mensen met maculadegeneratie op late leeftijd ook verloren kan gaan.

Op onderstaande foto’s (OCT’s) is een scan gemaakt van de macula van bovenstaande patiënt. Een normale macula kan je vinden in de eerste afbeelding op deze pagina. Je ziet dat er ter plaatse van de macula een soort krater is ontstaan. De krater zit ook niet in het midden van de scan, dit komt omdat deze mevrouw moest fixeren op een kruis: iets wat zij niet kan met het aangedane gebied van het nietvlies. Het netvlies kan hier niks zien, en zal met de huidige technieken niet gerepareerd kunnen worden. Mevrouw is in feite slechtziend. Deze mevrouw is geboren met deze afwijking en heeft zich zodoende zo goed mogelijk aangepast aan deze situatie. Dit in samenwerking met Koninklijke Visio en Bartimeus. Zij leren mensen om bijvoorbeeld met een stok te lopen, meten hulpmiddelen aan zodat iemand alsnog kan lezen danwel luisteren naar verhalen.

Is ooglaseren eng?

Recent heb ik mijn linker oog laten laseren. Een vraag die je dan als optometrist meteen krijgt is: “Is dat niet eng?”. Nou eigenlijk viel dat reuze mee. In dit bericht lees je mijn eigen ervaringen.

Als optometrist weet ik natuurlijk wat er mis kan gaan als je je ogen laat laseren. De risico’s op complicaties zijn klein, maar ze zijn er wel. Ik onderging zelf een PRK behandeling; de pijnlijke variant zonder “flapje” (dat is een LASIK behandeling).

De behandeling wordt pas spannend zodra je de operatiekamer in loopt. Dan gaat alles ook heel snel. Er worden druppels in je ogen gedaan, je oog wordt ontsmet met jodium, je krijgt een ooglidspreider op et cetera. De daadwerkelijke laserbehandeling duurde in mijn geval maar 6 seconden. 6 seconden waarin je zo strak mogelijk recht vooruit moet blijven kijken. Je loopt de operatiekamer uit met redelijk goed zicht. Maar daarna wordt dat snel weer minder. Ben je benieuwd naar het gehele proces? Bovenstaand filmpje is mijn eigen oog!

De pijn viel in mijn geval reuze mee. Omdat ik al zo’n 10 jaar contactlenzen heb gedragen ben ik ook wel wat gewend aan mijn ogen. Daarnaast zijn mijn ogen tijdens mijn studie ook veelvuldig gebruikt als proefpersoon-ogen. Meer dan een irritant gevoel aan mijn oog had ik niet. Ik wilde het liefst mijn ogen dichthouden, maar dat kwam niet echt door pijn of lichtgevoeligheid. Vaak druppelen scheelt een slok op een borrel, het verzacht het irritante gevoel, zeker als de druppels in de koelkast bewaard worden waardoor ze lekker koud zijn.
Het zicht heeft bij mij welgeteld 3 weken en 1 dag geduurd voordat het weer hersteld was. Het herstel van het zicht in het donker duurde nog een anderhalve week langer. Dit is een periode waarin je vertrouwen moet hebben in de behandelend oogarts. Vertrouwen hebben dat het wel goed komt. Dit vond ik het lastigste gedeelte van de hele behandeling.

Met de kennis van nu zou ik gerust de zelfde beslissing hebben genomen om mijn oog te laten laseren. Persoonlijk viel de behandeling mij mee, de pijn viel mee, en het zicht is prima hersteld. Eng is het maar eventjes, maar wanneer je de instructies van de arts juist opvolgt is er niks om bang voor te zijn.

Zorgverzekeraars bepalen de zorg

Zorgverzekeraars hebben in Nederland veel macht, en veel geld. Dat is niks nieuws. Echter elk jaar opnieuw proberen zorgverzekeraars steeds goedkopere zorg in te kopen bij gecontracteerde zorgleveranciers. Dit geldt ook vor de kliniek waar ik werk. Dit betekent dat de druk op poliklinische zorg steeds groter wordt, en deze niet winstgevend te krijgen is.

Dat betekent dat een oogkliniek het louter moet hebben van operaties en ingrepen die verricht worden (denk aan staaroperaties of aan het wegsnijden van een bultje in het ooglid). Hiervoor koopt een zorgverzekeraar een bepaald aantal behandelingen bij de leverancier. In onze kliniek gaat dit meestal goed, behalve wanneer we spreken over CZ (Uzovi 9664; Centrale Verwerkingseenheid CZ: CZ, Delta Lloyd en OHRA), maar zo heeft elke tak van de gezondheidszorg en elke kliniek zijn eigen “vete” met een zorgverzekeraar.

Vanuit het hele land komen patiënten naar ons toe om een staaroperatie uit te laten voeren. Dit omdat 1 van onze oogartsen een hele goede naam heeft opgebouwd in de 20+ jaar dat hij actief is als oogarts. Onze kliniek heeft een aanzuigende werking wat betreft staaroperaties, en zodoende verrichten wij er hier ook meer van dan gemiddeld. De percentages operaties versus patiënten liggen bij ons dus hoger dan bij bijvoorbeeld een perifeer ziekenhuis.

Op het moment is het zo dat het budget van CZ (en aanverwanten) al een aantal maanden op is. Voor ons is dit vervelend, maar voor de patiënt deste vervelender. In de praktijk moet iedereen die bij CZ/Ohra/Delta Lloyd verzekerd is onnodig meer dan een halfjaar wachten; op zijn minst tot begin 2017. Dan wordt er nieuw budget ingekocht door de verzekeraar. Er is wel ruimte voor deze patiënten, iedereen die verzekerd is bij een andere verzekeraar wordt bij ons gewoon geholpen, maar als wij een operatie uitvoeren bij een CZ-verzekerde patiënt krijgen wij niks van de zorgverzekeraar uitgekeerd.

Nu bekijken we de andere kant. Er zijn ook klinieken die geen contracten hebben met zorgverzekeraars. Deze kunnen zo veel indienen als zij willen; al wordt er bij hen structureel bijvoorbeeld 70% van de ingediende nota daadwerkelijk vergoedt door de zorgverzekeraar. Heel zwart-wit gekeken zou de kliniek en de patiënt er waarschijnlijk beter bij gebaat zijn als er dus géén contract zou zijn met de zorgverzekeraar. Echter dat zie ik niet zo snel gebeuren.

Mijn punt in dit verhaal is dat ik van mening ben dat zorgverzekeraars te veel op hun geld zitten en zodoende de zorg veel te veel bepalen. De arts moet de eed afleggen, en vervolgens bepaalt de zorgverzekeraar wat er uiteindelijk in de kliniek en/of het ziekenhuis gebeurt.

De andere kant van maculadegeneratie

In febrauri/maart 2015 ging ik naar een sollicitatiegesprek bij wat nu mijn huidige werkgever is. Toen ik in de wachtkamer zat te wachten zat daar een oudere man, meneer S., met een loep een boek te lezen. Meneer S. was in de 90, maar ondanks zijn leeftijd nog bijzonder goed bij de geest en maakte een fitte indruk. Het boek ging over de geschiedenis van Utrecht, de regio waarin de kliniek zich bevindt. Als net afgestudeerd optometrist ging ik ervan uit dat deze meneer maculadegeneratie zou hebben.

Mijn vermoeden werd bevestigd toen ik eenmaal aangenomen was en tijdens het spreekuur kennis maakte met meneer S. Er bleek sprake te zijn van natte maculadegeneratie in beide ogen. Hiervoor werd +/- om de 4 weken een injectie toegediend in zijn ogen. Dit betekent dat we meneer S. zo’n 2x per maand zouden zien. Ondanks zijn ernstig slechte visus was meneer S. altijd de positiviteit zelve. Als de injectie er weer op zat zei hij dit “fantastisch” of “geweldig” te vinden nadat hij was opgeveerd uit de behandelstoel. Nadien meldde hij bij de balie vrolijk dat hij weer “terug mocht komen”. Meestal over 4 weken. Met een glimlach, en een nieuwe afspraak, ging meneer S. altijd weer de deur uit.

Lees verder

Verzekeringsfraude in de zorg: hierom is de identificatieplicht.

Identiteitsfraude, het komt overal voor, ook in de zorg. De buurman laten opdraaien voor jouw medische kosten omdat jij niet verzekerd bent: het gebeurt. Zo kwam er laatst een man in onze kliniek voor een ingreep aan zijn ooglid. Deze meneer had geen enkele vorm van identificatie bij zich: noch een ID, noch een verzekeringspas. Het enige wat dhr. kon tonen was een bankpas met zijn naam er op. De arts die de ingreep moest uitvoeren besloot hierop dat de ingreep niet door kon gaan. Dit lijkt wat overdreven, maar dit is waarom:

  • In de brief die de patiënt krijgt voor zijn afspraak wordt gesproken over de identificatieplicht bij registratie van nieuwe patiënten. Als 1 v/d bewijzen mist, kan dit eventueel door de vingers worden gezien. In dit geval wordt de patiënt dan verzocht om een kopie van zijn verzekeringspas later door te sturen.
  • Wij kunnen niet controleren of de meneer die voor onze balie staat daadwerkelijk de meneer is die hij zegt te zijn. Wellicht is het de buurman en hebben ze snel de bankpas geruild omdat de buurman wël verzekerd is, maar de meneer aan onze balie niet.
  • De zorgverzekeraars eisen dat de patiënt zich legitimeert voordat er een consult of behandeling plaatsvindt. Dit om bovengenoemde verzekeringsfraude te voorkomen.
  • Er geldt in Nederland in het algemeen een identificatieplicht: je moet je kunnen identificeren indien daar om gevraagd wordt door bijvoorbeeld de politie. Je bent dus verplicht om ten alle tijde een ID-bewijs bij je te dragen.
  • Een behandeling en/of consult kost geld. Meestal loopt de facturatie via de zorgverzekeraar. Als er een onjuiste zorgverzekeraar wordt opgegeven kost dit extra werk voor zowel de zorgverzekeraar als de instantie waar het bezoek aan gebracht wordt.

Als het goed is wordt elke patiënt die zich niet kan legitimeren geweigerd binnen de medische instelling. De eisen hierin worden alsmaar strenger, in sommige instellingen is het alleen verplicht om je te identificeren bij registratie, bij andere instellingen wordt de identificatie jaarlijks gecontroleerd. Soms gaat dit nog verder en wordt de patiënt bij élk bezoek gecontroleerd op identificatie.


Neem bij elk bezoek uw legitimatie en verzekeringspas mee, dat zorgt voor beide partijen voor een soepele financiële afhandeling. Bedankt.

De toegevoegde waarde van optometristen in de optiek

Als optometrist kan je in verschillende settings werken. Denk hierbij aan het ziekenhuis, een behandelkliniek (zoals Bergman Clinics) of bij een opticien. Elk van deze settings biedt zijn eigen uitdagingen, en eist een andere manier van denken. Er verschuift in de oogheelkunde het een en ander van de tweedelijns zorg (ziekenhuis) naar de eerstelijns zorg (opticien).

slider3-20120822-123513

Zo worden er in samenwerking met bijvoorbeeld Ksyos mensen met Diabetes Mellitus gescreened op oogheelkundige afwijkingen bij de opticien. Voorheen kwam iedereen altijd bij de oogarts, terwijl dit vaak onnodig bleek te zijn. Door deze last van de oogarts weg te nemen heeft de oogarts meer tijd voor de serieuzere gevallen, terwijl de kwaliteit van de zorg gewaarborgd blijft. Hiervoor is het nodig dat de persoon die het onderzoek doet in de eerstelijns zorg voldoende deskundig is. Zo mag het niet voorkomen dat iemand waarbij afwijkingen te zien zijn aan het oog niet wordt doorgestuurd naar de oogarts.Lees verder

Multifocale contactlenzen

Stel: je bent 40+ en krijgt meer moeite met het lezen van de kleine lettertjes. Een bril zie je niet zitten, of je hebt altijd al lenzen gedragen. Dan zijn multifocale contactlenzen misschien dé oplossing voor jou. Er zitten echter wel een aantal haken en ogen aan deze lenzen. In dit artikel zal ik uitleggen hoe deze lenzen precies werken, en welke opties er allemaal zijn. Voor allemaal geldt: het ei van columbus is nog niet uitgevonden in contactlenzen, en wanneer het donkerder wordt kan je meer last krijgen van een verstoord beeld.

Vanaf welke leeftijd kan je contactlenzen gaan dragen?

Een zachte contactlens.

Monovisie:
Monovisie is gebaseerd op het feit dat 1 oog word ingesteld voor dichtbij, en het andere oog optimaal wordt gemaakt voor de verte. Zodoende heb je voor elke situatie 1 oog dat een optimaal beeld geeft. Het lastige zit hem in het schakelen, je moet het goede oog op het juiste moment gebruiken. In het begin is dat ook erg wennen, maar áls het lukt heeft monovisie voor veel contactlensspecialisten de voorkeur. Het is duidelijk wat er gebeurt wanneer we een sterkte aanpassen, de lenzen blijven betaalbaar, en het geeft het beste zicht. Doorzetten is een pré. Maar naarmate de sterkte voor het lezen toeneemt, en daarmee ook het sterkteverschil tussen beide ogen, kan monovisie weer meer problemen opleveren. Lees verder

Steekproef opticiens

Vrijdag 10 oktober 2014.
Samen met een collega besluiten we om eens te kijken hoe andere opticiens het voor mekaar hebben. Ik werk bij een particuliere opticien, zij bij Eye Wish Opticiens. We zijn benieuwd naar de klantvriendelijkheid van andere winkels, en ook vooral de deskundigheid. We onderwerpen 3 opticiens in Rotterdam aan een steekproef. We verzinnen een veelgehoorde klacht: de huisarts heeft geadviseerd om de ogen te laten meten nadat aangegeven is dat er vaak hoofdpijnklachten aanwezig zijn. Deze zijn met name na veel lezen aanwezig, en spelen al een langere tijd. Een opzienbarende steekproef met verrassende resultaten!Lees verder