Myopie preventie bij kinderen, voorkom een sterke bril (inclusief calculator)

Myopiepreventie, in het Engels myopia control, is een relatief nieuw begrip in de oogheelkunde. Doordat kinderen vaker voetbal op de PlayStation spelen dan op het voetbalveld, de iPad leuker vinden dan oorlogje spelen en de telefoon op jonge leeftijd ook al belangrijk is, komen ze te weinig buiten. Veel kijken op korte afstand, en een gebrek aan natuurlijk licht, zorgt er voor de myopie steeds vaker voorkomt. Myopie staat ook bekend als bijziendheid, en resulteert in een min-bril of contactlenzen. Maar myopie is niet geheel zonder gevaar.

Myopie, een te lang oog zorgt er voor dat het brekingspunt van het oog vóór het netvlies ligt.

Myopie ontstaat doordat het oog in lengte blijft toenemen tijdens de groei. Door deze toename in lengte wordt de kans op serieuze oogaandoeningen steeds groter. Denk hierbij bijvoorbeeld aan netvliesloslatingen en glaucoom. In Azië heerst al een ware myopie-epidemie, waar vrijwel alle jongeren een min-bril dragen. Ook in Nederland gaan we steeds meer deze kant op. Daarom is het goed dat er steeds meer onderzoek komt naar het voorkomen van progressie van myopie. Er zijn verschillende methoden om de progressie van myopie af te remmen. Zo zijn nachtlenzen (orthokeratologie, ortho-k) bewezen effectief, maar ook zachte multifocale lenzen blijken te werken. Speciaal voor myopiepreventie worden er nu multifocale nachtlenzen ontwikkeld, welke het effect van nachtlenzen en multifocale zachte lenzen moet combineren voor een nog effectievere aanpak. Daarnaast bestaat de atropine-behandeling waarbij het kind gedruppeld wordt met atropine, al dan niet in lage dosering. Atropine zorgt er voor dat het oog niet meer kan accommoderen (scherpstellen voor dichtbij), en maakt de pupil groter. Dit vereist dan ook een goede zonnebril, en een goede bifocale bril, anders kan het kind niet meer lezen.

Lees verder

Een harde contactlens in het oog na een harde klap op het oog

Bij contactlensinstructies vertellen we iedereen dat een contactlens nooit achter het oog kan komen doordat is oogleden geleidelijk over gaan in het oog. De ruimte boven en onder een oog zijn slechts kleine doodlopende kanaaltjes, zoals op onderstaande foto beschreven bij “superior fornix”. Contactlenzen kunnen hoogstens bovenop het oog gaan liggen, maar zijn daar altijd terug te vinden.

© Eyesteve

Recent heeft er in Ophthalmology een hele opmerkelijke casus gestaan van iemand die harde lenzen draagt (RGP, rigid gas permeable). Een 76-jaar oude man droeg contactlenzen omdat hij in het verleden een hoornvliestransplantatie heeft ondergaan. Nadat deze man een klap tegen zijn oog heeft gehad ontstond er een scheur tussen zijn donorhoornvlies en zijn eigen hoornvlies. Door deze scheur is vervolgens zijn contactlens het oog binnen getreden, waarna deze op de bodem van zijn netvlies is gaan liggen!

Op de foto zie je bij A de scheur tussen het donorhoonvlies en zijn eigen hoornvlies. Vervolgens zie je bij B op de achtergrond het netvlies, links de (witte) oogzenuw met daaruit de bloedvaten. Iets naar rechts van de oogzenuw bevindt zich een iets donkerdere vlek welke we de macula of gele vlek noemen. De contactlens ligt voor de macula, en gedeeltelijk op de oogzenuw. De patiënt onderging een nieuwe hoornvliestransplantatie en een vitrectomie om de contactlens uit het oog te halen. Deze operaties zijn uiteindelijk goed verlopen.

© Ophthalmology, Vlasov, Anton et al. 2017

Bron:
Rigid Gas Permeable Lens Intraocular Foreign Body following Blunt Trauma
Vlasov, Anton et al.
Ophthalmology , Volume 124 , Issue 11 , 1599

Bandagelenzen

Bandagelenzen zijn vrij onbekend bij de meeste mensen. Ook oogartsen denken niet altijd aan bandagelenzen als optie om ernstige droge ogen te behandelen. Een bandagelens is in feite niet meer dan een zachte contactlens zonder sterkte. Een bandagelens functioneert als een soort pleister: hij dekt het oog af. Zo kan hij irritatie verminderen, en kan een beschadigd hoornvlies worden afgedekt voor invloeden van buitenaf en/of dat vervelende ooglid wat anders continu over een wondje glijdt. Zo kan het hoornvlies zich herstellen zonder dat dit direct veel pijn tot gevolg heeft. Mensen die bekend zijn met zachte contactlenzen zullen waarschijnlijk wel herkennen dat de ogen soms gevoeliger zijn ná het uithalen van de contactlenzen dan tijdens het dragen hiervan. Dit komt doordat de zachte contactlens de irritatie maskeert. Als dit het geval is dien je de contactlenzen vooral niet verder te dragen en doe je er verstandig aan om bij de contactlensspecialist langs te gaan. Wanneer iemand harde lenzen draagt (Rigid Gas Permeable, RGP) zal diegene bij irritatie direct zijn contactlenzen uitdoen, gewoonweg omdat inhouden dusdanig irriterend is dat dit niet is vol te houden. Dit maakt harde lenzen dan ook een veel veiligere optie dan zachte contactlenzen.

Een zachte contactlens

Bandagelenzen worden gebruikt bij mensen met bijvoorbeeld ernstige droge ogen. Ook worden ze gebruikt bij mensen die hun ogen hebben laten laseren door middel van een PRK-behandeling (ook bekend als LASEK) of een andere ingreep aan het hoornvlies. Bij mensen met droge ogen worden de bandagelenzen soms tijdelijk, maar vaak chronisch gedragen. Omdat het permanent dragen van een contactlens ook infectiegevaar met zich meebrengt wordt er regelmatig voor gekozen om hiernaast chronisch antibiotica-druppels te gebruiken (2x per dag chlooramfenicol, conserveermiddelvrij). Maandelijks worden de lenzen vervangen bij de oogarts en/of optometrist. De ogen worden dan ook maandelijks streng gecontroleerd. Zelf inzetten of uithalen is dan ook niet nodig, dat doen wij.

De zorgverzekeraar vergoedt bandagelenzen zonder sterkte vanuit de basisverzekering omdat deze gezien worden als verbandmiddelen zoals te lezen op de website van Zorginstituut Nederland (zie kopje “bijzondere optische hulpmiddelen”).

Op vakantie? Denk aan een tweede bril!

Het is weer vakantietijd, en dat betekent lijstjes maken wat er allemaal mee moet op vakantie. Een veel vergeten onderdeel is echter de bril. Oké, de bril die je elke dag op hebt, die gaat vanzelfsprekend mee. Maar een reservebril is wellicht geen overbodige luxe; al is het maar met alleen verte sterkte. Stel je voor dat er in Egypte iets gebeurt waardoor je je onherstelbaar beschadigt. Dan koop je ook niet zomaar een nieuwe bril in het buitenland, en zit je met een groot probleem.

kapottebril

Ga je met de auto op vakantie dan is het niet alleen een aanrader, maar is het ook al snel verplicht om een reserve bril, of contactlenzen, mee te nemen! In Duitsland, Frankrijk, Portugal, Spanje, Oostenrijk en Zwitserland moet je namelijk altijd een reservebril of contactlenzen bij je hebben in de auto. Mocht je op de een of andere manier langs de weg gezet worden, en er wordt geconstateerd dat je geen tweede bril bij je hebt, dan levert dit een boete op. En als je er over nadenkt is het niet eens erg overdreven. Stel je hebt een sterkte van -5, en je partner heeft geen rijbewijs. Als er onderweg iets gebeurt, je kind probeert een wesp weg te slaan waarna jouw bril door de lucht vliegt, dan sta je daar op de Duitse Raststätte.

Neem altijd een alternatief mee, zij het een extra bril, zij het een extra set lenzen. Je wil niet zonder komen te zitten.

Lees verder

Johnson & Johnson Acuvue Advance (plus) steeds minder verkrijgbaar

Johnson & Johnson is in Nederland een van de grote spelers op de (zachte) contactlenzenmarkt. Ze leveren onder andere de Acuvue Advance, Acuvue Oasys, 1-day Acuvue Moist en de 1-day Acuvue true-eye. Vrij recent, sinds ongeveer een jaar, zijn de Surevue contactlenzen geschrapt uit het portfolio. Deze contactlens werd niet vaak meer verkocht en Johnson & Johnson heeft veel betere lenzen in zijn portfolio die een alternatief konden bieden. Helaas bleek in de praktijk dat geen enkele Johnson & Johnson contactlens zich kon meten met het comfort van de Surevue contactlens, maar dat is een ander verhaal.

Johnson & Johnson Acuvue Advance Plus contactlenzen

Johnson & Johnson Acuvue Advance Plus contactlenzen

Lees verder

Waarom hebben mijn contactlenzen een andere sterkte dan mijn bril?

Contactlenzen en brillen hebben vrijwel nooit exact de zelfde sterkte. Dit heeft met een aantal technische beperkingen van de contactlens te maken, maar ook met kosten en de manier waarop de sterkte wijzigt als deze direct op het oog wordt gezet. Ik zal uitleggen waardoor de sterkte anders is, en wat voor wijziging hierin verwacht kan worden. Voor het gemak maken we een onderscheid in harde en zachte contactlenzen. De oogmeting die voorafgaat aan het aanmeten van contactlenzen is het zelfde als bij een bril.

Lees verder

Winterlenzen: marketingpraat of goede raad? Het nut van een UV-blocker in contactlenzen.

Laatst kwam ik langs een artikel op Zienrs, een collectief van zelfstandige opticiens. Hierin stelden zij dat eigenlijk iedereen contactlenzen moet nemen met een UV-blocker er in, en het liefst de Acuvue Oasys lenzen van Johnson & Johnson. Er wordt gesteld dat UV schadelijk is voor het oog, en dat deze stralen ook in de winter in grote mate aanwezig is. Dit is juist, UV is in een bepaalde mate schadelijk voor het oog, je kan er eerder staar, maculadegeneratie en nog een aantal aandoeningen van ontwikkelen. Dit is dan ook een van de redenen dat een goede zonnebril altijd aan te raden is. Maar in de winter heb je deze zonnebril niet vaak op, en komen de schadelijke stralen alsnog in het oog. Tenzij de lenzen zijn uitgerust met een UV-blocker. Maar moet iedereen nu spontaan lenzen van Johnson & Johnson gaan dragen?

Oakley Jupiter zonnebril.

Oakley Jupiter zonnebril.

Lees verder

Bijziend of verziend, wat is wat ook al weer?

Myopie of hypermetropie
Bijziendheid en verziendheid zijn termen die iedereen wel eens gehoord heeft. Deze 2 termen dekken lang niet alle afwijkingen qua sterkte, maar geven snel een beeld van wat iemand voor afwijking heeft. Het is zo dat bijziend betekent dat diegene voorwerpen van dichtbij scherp ziet. Dit geldt andersom voor verziend: die persoon ziet veraf juist scherp. Maar daar zit ook meteen een valkuil. Iemand met een afwijking van +6 in zijn bril is verziend. Echter, deze persoon ziet zonder bril zowel veraf als dichtbij wazig. Als we dit omdraaien, we nemen iemand met een bril van -6, dan ziet deze persoon inderdaad scherp voor dichtbij. Maar een simpel rekensommetje (1/6=0.16) leert ons dat deze persoon op een afstand van 16cm scherp zal kunnen zien. De normale leesafstand is doorgaang ±42cm. Deze persoon kan dus niet scherp lezen, tenzij het object erg dichtbij gehouden wordt. Een opticien spreekt dan ook liever van myopie (min-sterkte) en hypermetropie (plus-sterkte). Iemand die verziend is hoeft namelijk helemaal niet scherp te kunnen zien in de verte: dat geeft verwarring. Maar er zijn nog meer aspecten in brilsterkte die het zicht kunnen beïnvloeden.

De vorming van het beeld op het netvlies bij een myoop en een hyptermetroop oog.

De vorming van het beeld op het netvlies bij een myoop en een hypermetroop oog.

Cilinder
Daarnaast hebben we ook nog de cilinder. Dit aspect van de brilsterkte heb ik al uitgelegd in het artikel “Wat is een cilinder?“.

Hoe mooi het oog ook is, bijna niemand heeft 2 perfect ronde ogen. Hoe krommer het hoornvlies, hoe sterker de lichtstralen worden gebroken. Dit wordt weergegeven als de verticale lichtstralen die breken op het “1st focal point”, en de horizontale lichtstralen die breken op het “2nd focal point”.

In plaats van 1 mooi brandpuntje, ontstaan er 2 brandpunten (meer precies: brandlijnen). Nu willen we deze 2 brandpunten natuurlijk op elkaar krijgen op de gele vlek in het oog: dan zien we het scherpst. Dit doen we in dit geval door de lichtstralen in de verticale richting minder sterk te laten breken. Dit noemen we een cilindersterkte.

Presbyopie
Een moment waarop veel mensen de opticien bezoeken is rondom een leeftijd van 45 jaar. Er ontstaan leesproblemen, en ook in de verte wordt het zicht soms minder. Het instelvermogen van de ooglens (accommodatie), en daarmee het vermogen om beelden scherp op het netvlies te krijgen wanneer deze op een kortere afstand worden gehouden neemt af. Dit is een geleidelijk proces en zal bij iedereen voorkomen. Aan de hand van de leeftijd is het ook vrij gemakkelijk om in te schatten wat deze afwijking precies is. Dit is, anders dan bij myopie/hypermetropie/cilinder een sterkte die niks zegt over de vorm of de bouw van het oog. Het gaat louter om het instelvermogen, en dit zegt dan ook niks over het oog zelf, maar alleen over de leeftijd van de ooglens. Dit zorgt er echter wel voor dat iemand die nooit een bril nodig heeft gehad wazig gaat zien voor dichtbij, maar veraf scherp ziet: deze persoon lijkt dan verziend. Ook hier zien we dat deze term niet accuraat is. Er is namelijk sprake van presbyopie: een afname van het accommodatievermogen van het oog.

Concluderend
De termen bijziendheid en verziendheid maken het voor een leek snel inzichtelijk om wat voor afwijking het grofweg gaat. De term is zodoende dan ook redelijk toereikend voor de meeste mensen. Echter, voor opticiens, contactlensspecialisten en optometristen dekt dit niet de lading: we willen meer weten over de precieze afwijking van de ogen. Als u dan ook de term bijziendheid of verziendheid gebruikt zal de opticien deze graag nader toelichten voor uw situatie.

Multifocale contactlenzen

Stel: je bent 40+ en krijgt meer moeite met het lezen van de kleine lettertjes. Een bril zie je niet zitten, of je hebt altijd al lenzen gedragen. Dan zijn multifocale contactlenzen misschien dé oplossing voor jou. Er zitten echter wel een aantal haken en ogen aan deze lenzen. In dit artikel zal ik uitleggen hoe deze lenzen precies werken, en welke opties er allemaal zijn. Voor allemaal geldt: het ei van columbus is nog niet uitgevonden in contactlenzen, en wanneer het donkerder wordt kan je meer last krijgen van een verstoord beeld.

Vanaf welke leeftijd kan je contactlenzen gaan dragen?

Een zachte contactlens.

Monovisie:
Monovisie is gebaseerd op het feit dat 1 oog word ingesteld voor dichtbij, en het andere oog optimaal wordt gemaakt voor de verte. Zodoende heb je voor elke situatie 1 oog dat een optimaal beeld geeft. Het lastige zit hem in het schakelen, je moet het goede oog op het juiste moment gebruiken. In het begin is dat ook erg wennen, maar áls het lukt heeft monovisie voor veel contactlensspecialisten de voorkeur. Het is duidelijk wat er gebeurt wanneer we een sterkte aanpassen, de lenzen blijven betaalbaar, en het geeft het beste zicht. Doorzetten is een pré. Maar naarmate de sterkte voor het lezen toeneemt, en daarmee ook het sterkteverschil tussen beide ogen, kan monovisie weer meer problemen opleveren. Lees verder

Oogheelkunde: wie doet wat?

Oog

Binnen de oogheelkunde zijn er veel verschillende taken die je kan verrichten. Maar wie doet nou precies wat? Kan een opticien ook lenzen controleren? En kan een optometrist medicatie voorschrijven? En wat doet de assistent van de oogarts allemaal? We onderscheiden 2 verschillende takken van de oogheelkunde: de optiek en het ziekenhuis en beschrijven wie er werken en wat hun taken zijn. Onderstaand overzicht is hoe het is geregeld op mijn werkplekken. Dat neemt niet weg dat een ander ziekenhuis er een andere visie op na kan houden waardoor het proces net iets anders kan lopen.

Optiek:
Opticien: Een opticien meet de sterkte van de ogen. Daarnaast wordt een opticien opgeleid om de klant van een zo goed mogelijk advies te voorzien wat betreft montuur, glazen et cetera. Achter de schermen zal een opticien de brillen repareren en monteren. Dit is een MBO opleiding.
Contactlensspecialist: Een contactlensspecialist is altijd eerst een opticien, en leert daarna verder over contactlenzen. Een opticien leert in de regel niks over contactlenzen. Regels die van toepassing zijn op het meten van de ogen kunnen in veel gevallen bij contactlenzen overboord gegooid worden. Er is een andere aanpak nodig, en er is zeer veel kennis over de verschillende typen lenzen en materialen nodig. Een goede contactlenscontrole wordt dus minstens door een contactlensspecialist uitgevoerd. Ook deze opleiding is op MBO niveau.
Optometrist: Als optometrist kan je zowel ogen meten als contactlenzen controleren. Daarnaast is er op de opleiding veel aandacht voor het medische aspect. Een optometrist kan ook vooronderzoeken doen voor laserklinieken. Daarnaast kunnen er samenwerkingsverbanden zijn tussen de huisarts en het ziekenhuis, om zo onnodige consulten bij de oogarts te besparen, maar de kwaliteit van de zorg hoog te houden. Optometrie is een HBO opleiding die in Nederland alleen op de Hogeschool Utrecht wordt aangeboden.

Ziekenhuis:
Doktersassistent: De dokterassistent is veelal een administratieve hulp van de oogarts(en) die er voor zorgt dat de spreekuren soepel draaien. Denk hierbij aan het welkom heten van de patiënten, voormetingen verrichten et cetera. Daarnaast kan de doktersassistent assisteren bij poliklinische verrichtingen en kan deze zelfstandig bepaalde onderzoeken uitvoeren indien daar nascholing voor is geweest. De opleiding voor doktersassistent is op MBO niveau.
Technisch oogheelkundig assistent (TOA): Als TOA verricht je zelfstandig oogheelkundige onderzoeken nog voordat de patiënt bij de oogarts komt. In de praktijk komt dit vaak neer op het meten van het gezichtsvermogen, de oogdruk en een aantal andere aspecten die afhankelijk zijn van de bezoeksreden van de patiënt. Ook geeft de TOA vaak de druppels die er voor zorgen dat de pupil groot wordt zodat de oogarts het netvlies kan bekijken. Een TOA werkt zelfstandig, maar heeft altijd de oogarts beschikbaar indien nodig. De opleiding voor TOA is op MBO niveau.
Optometrist: Een optometrist kan ook werkzaam zijn in het ziekenhuis en hier zelfstandig patiënten onderzoeken. Waar de TOA een patiënt voorbereidt voor de oogarts, doet de optometrist het gehele onderzoek zelf. Wanneer de optometrist klaar is met het onderzoek wordt er overlegd met de oogarts, en schrijft de oogarts eventuele medicatie voor. Een optometrist mag geen medicatie voorschrijven. Optometrie is een HBO opleiding die in Nederland alleen op de Hogeschool Utrecht wordt aangeboden.
Oogarts: De oogarts is eindverantwoordelijke voor de diagnose. De oogarts schrijft medicatie voor en verricht de operaties. Ook bepaalt de oogarts op welke termijn een patiënt weer terug moet komen naar het ziekenhuis en welke onderzoeken er verricht moeten worden. Bij vragen is de oogarts uw aanspreekpunt, al dan niet via de doktersassistent. Netals elke art moet een oogarts eerst basisarts worden, en zich vervolgens specialiseren.