Oogheelkunde en dyslexie: wat is de invloed van de visuele perceptie?

Dyslexie en de visuele perceptie zijn nauw verbonden. Je kan niet lezen zonder te kijken. De ogen kunnen verschillende afwijkingen hebben die het lezen moeilijker maken. Een daarvan is een cilinder (astigmatisme).

Cilinder
Een cilinder ontstaat wanneer de voorkant van het oog niet mooi rond is, maar meer zoals een rugbybal gevormd is. De ene kant op is het oog vlakker dan de andere kant. Dit zorgt voor een ongelijke breking van de lichtstralen op het netvlies (HSP Network, 2014). De mate van kromming van het hoornvlies staat gelijk tot mate van breking van lichtstralen. Een hoge, ongecorrigeerde, cilinder wordt overdreven weergegeven in afbeelding 1.

Figuur 1: gedramatiseerde weergave van een ongecorrigeerde cilinder.  Bron: http://www.hpsnetwork.co.uk/refractive%20errors.html

Afbeelding 1: gedramatiseerde weergave van een ongecorrigeerde cilinder.


Het kost weinig moeite om voor te stellen dat de O, D, C, G en soortgelijke letters al snel allemaal op elkaar gaan lijken. Dit geldt ook voor letters als een P, F, E en de B. Deze letters hebben van zichzelf een klein verschil, maar de cilinder kan het juist nog moeilijker maken om de letters te onderscheiden. Ook kan het door de cilinder moeilijk(er) zijn om het begin van de regel te vinden, simpelweg omdat deze zich op een andere plek bevindt dan je normaal zou aannemen. Via het zelfde principe is het ook makkelijk te verklaren hoe een lelijk handschrift zijn oorzaak kan vinden in een ongecorrigeerde cilinder (HSP Network, 2014).

Prisma’s
Het volgende wat klachten kan veroorzaken is een beetje technischer. Bijna iedereen kijkt in een bepaalde mate scheel. Ik ben écht scheel (dat heet een tropie), maar praktisch iedereen heeft ook een soort verborgen scheelzien (dat heet een forie). Dit wordt rechtgetrokken door de hersenen. De hersenen willen de beelden van het rechter en het linker oog op elkaar leggen, om zo een driedimensionaal beeld te krijgen, en om dubbelzien te voorkomen. Dit fenomeen noemen we fusie: we fuseren de beelden op elkaar tot 1 beeld. Dit doen we door de afwijking in de stand van de ogen te compenseren door de spieren aan te sturen. In veel gevallen staan de ogen in rust (dus wanneer we de fusie doorbreken) iets naar buiten. Dit noemen we dan een exoforie (exo: naar buiten).
Deze afwijking meestal groter bij nabijwerk dan wanneer men naar een punt in de verte kijkt. De hersenen trekken dit bij door de oogspieren aan de neuskant aan te spannen: de ogen draaien naar binnen (Ophthobook, 2010).
In beeld: https://www.youtube.com/watch?v=OrUjTSVVv9E
Je ziet dat de ogen recht staan, maar wanneer ze afgedekt worden hebben ze de neiging om naar buiten te gaan staan.

Wanneer de forie groter is dan gemiddeld, kan aftentoe spontane decompensatie optreden. Dat houdt in dat de hersenen de fusie niet meer aan kunnen sturen: het verschil tussen de stand van het rechter oog en het linker oog is te groot. Het gevolg is dat je dan dubbel gaat zien, je ziet zowel het beeld van het rechter oog als het linker oog afzonderlijk. Dit gebeurt vooral bij medicijngebruik, antidepressiva zijn een goed voorbeeld (Farmacotherapeutisch Kompas, 2014), en bij genotsmiddelen zoals alcohol (Brecher et al., 1955). Maar ook gewoon vermoeidheid kan dit veroorzaken. Stel je voor dat je de hele dag naar het puntje van je neus moet kijken: dat hou je nooit vol. Vaak hebben deze mensen dan ook hoofdpijn. Het gevolg kan zijn dat je dubbel gaat zien, met name bij het lezen. Het kost moeite om de beelden samen te smelten, en dus ook om vlot te kunnen lezen. Ook is er een verband aangetoond tussen het hebben van een forie ná leeswerk en het hebben van ADHD door Wilmer et al., 2009. Een ander mogelijk gevolg is dat je gaat alterneren. Dat houdt in dat je het ene moment met het rechter oog kijkt, en het andere moment met het linker oog. Dit kan voor een onstabiel beeld zorgen aangezien de wisselingen tussen de ogen heel plotseling kunnen zijn.

Het bijsturen van de ogen kan deels worden overgenomen door prisma’s in brillen. Deze buigen de stralen eigenlijk ‘om een hoekje’. Zodoende hoeft het oog die hoek niet te compenseren. Veel mensen met dyslexie hebben dan ook een prismabril. Al is het maar omdat een prismabril bij iedereen het lezen comfortabeler kán maken. Alle hulp is mooi meegenomen.

Kleurenfilters
Ook kleurenfilters worden vaak genoemd. Er wordt dan subjectief (we vragen het aan de patiënt) gevraagd welke kleur achtergrond het lekkerst leest. Zijn dat zwarte letters op een gele, blauwe of rode (etc.) achtergrond? Het resultaat van deze meting zal resulteren in het kleurenfilter dat in de bril geplaatst moet worden. Dit houdt in dat de bril van glazen wordt voorzien van die betreffende kleur. Zo kan het dus voorkomen dat een kind met een bril met blauwe glazen in de klas zit. Er wordt gedacht dat de kleurenfilters in de glazen het gemakkelijker maken om de beelden van het rechter en het linker oog te fuseren (Xlens, 2014). De glazen zelf zijn vrij prijzig, ze kosten honderden euro’s per glas, maar een exact bedrag kan ik niet noemen.

Conclusie
Ik pleit er voor dat ieder persoon, waarbij een verdenking bestaat op het hebben van dyslexie, ten alle tijde een volledig oogheelkundig onderzoek dient te ondergaan. Dit om een eventuele verkeerde diagnose te kunnen besparen, en een hulpmiddel te leveren wat het probleem bij de wortels aanpakt. Een bril zal niet bij iedereen helpen. Een bril zal alleen helpen wanneer er een oogheelkundige afwijking aanwezig is. Deze afwijking kan in sommige gevallen een onjuiste diagnose voor dyslexie hebben veroorzaakt.

 

Referenties:
Brecher, G. A., Hartman, A. P., & Leonard, D. D. (1955). Effect of alcohol on binocular vision. American journal of ophthalmology, 2 Pt 2, 44–52.

Farmacotherapeutisch Kompas (2014). Amitriptyline bijwerkingen. Opgeroepen op 15 10, 2014, van Farmacotherapeutisch Kompas: http://fk.cvz.nl/preparaatteksten/a/amitriptyline.asp

HPS Network (2014). Refractive errors & Astigmatism. Opgeroepen op 15 10, 2014, van HPS Network: http://www.hpsnetwork.co.uk/refractive%20errors.html

Ophthobook (2010, 11 10). Tropias and Phorias (Video). Opgeroepen op 13 10, 2014, van Ophthobook: http://www.ophthobook.com/videos/tropias-and-phorias-video

Wilmer, J. B., & Buchanan, G. M. (2009). Nearpoint phorias after nearwork predict ADHD symptoms in college students. Optometry and vision science : official publication of the American Academy of Optometry, 8, 971–978.

Xlens (2014). Xlens, hoe het werkt. Opgeroepen op 15 10, 2014 van Xlens: http://www.xlens.com/xlens-hoe-het-werkt.html#xlens-hoe-het-werkt

YouTube (2010, 26 01). P1260744.AVI. Opgeroepen op 15 10, 2014 van YouTube: https://www.youtube.com/watch?v=OrUjTSVVv9E

Voetnoot:
Dit artikel is geschreven voor de Hogeschool Utrecht, minor dyslexie op 15-10-2014.

Geplaatst in Brillen, Oogarts, Zicht en getagd met , , , , , , , , , , , .

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *